Waar ik ook kom in overheidsland, ik hoor over: kantelen, transitie, decentralisaties, column 10 woordenspelontvlechten, onthokken, herstructurering of reorganisatie. En specifiek voor de snel ontwikkelende geo-informatie geldt dat er regelmatig organisatieonderdelen worden samengevoegd of tegenwoordig juist ontvlochten. Er worden vele termen gebruikt voor deze veranderingen. Het lijkt of men hoopt dat een andere naam de weerstand doet verdwijnen. Eerst was er de ‘reorganisatie’. Al snel bleek dat een vies woord. De complete cultuur moest mee. Daarom noemde men het organisatieverandering. Maar dat gaf weerstand. Dan toch maar organisatieontwikkeling noemen? Ach, voor ambtenaren die soms al 25 jaar of langer bij dezelfde organisatie werken is het gewoon het zoveelste veranderproces. Voor hen helpt het woordenspel niet meer.

Het valt mij op dat bijna niemand houdt van verandering. De meeste klachten die je hoort als het gaat over veranderen, is dat mensen niet willen (werkgevers), of dat alles toch goed gaat zoals het nu is (werknemers). Eerlijkheid gebied te zeggen dat ik zelf juist behoefte heb aan verandering. Voor mij is verandering juist goed. Dat noemen we dan weer anders: een ‘uitdaging’. Verandering geeft mij energie.  (……) Natuurlijk zijn er ook wel eens momenten dat ik veranderingen niet leuk vind. Dat is als iets voor mij veranderd wordt. Dan is het niet mijn eigen wens. Lees hierover mijn columns ‘Afscheid nemen’ (april 2013) en ‘Rouw op je dak’ (mei 2013), waarin ik stel dat afscheid nemen een beetje rouwen is. Reorganiseren is ook afscheid nemen en een beetje rouwen.

Juist hierin schuilt volgens mij de sleutel als het er om gaat mensen mee te nemen in reorganisatietrajecten. Mensen willen vaak heus wel veranderen. Ze willen alleen niet veranderd worden. Weerstand is een veelgehoord woord. Maar soms kun je niet anders. Weerstand verandert als belanghebbenden overtuigd zijn van de meerwaarde van de nieuw te vormen organisatievorm. Een belanghebbende moet daadwerkelijk belang hebben bij het bestaan van een nieuwe afdeling of team. Onder het mom: “What’s in it for me?” Dan verandert weerstand in draagvlak.

Er zijn leidinggevenden die zeggen: “Wie weerstand heeft is negatief”. Tegen hen zou ik willen zeggen: weerstand mag. Heb je weerstand tegen weerstand? Vraag jezelf dan eens af waarom je zo’n weerstand hebt tegen weerstand en kijk goed naar wat het effect is. Want een oordelende houding roept vanzelf weer weerstand op. Luister naar het verhaal achter de weerstand. Soms kost het wel wat meer tijd, maar uiteindelijk win je er veel mee. Medewerkers hebben zat nuttige tips, als je maar de juiste vragen stelt en luistert.

Er zijn werknemers die koste wat kost willen houden wat ze hebben. Die geen enkel risico durven nemen. Tegen hen wil ik zeggen: je maakt het moeilijk, want als je niet wilt dan beweeg je niet. Ontwikkelen vraagt zelfreflectie en het nemen van verantwoordelijkheid. Veranderen kan alleen als je wilt. Als je niet wilt, moet je in gesprek met je werkgever. Dit kan een probleem zijn, of nee, dat noemen we een ‘uitdaging’ voor je leidinggevende. Want de vraag is, durft deze het aan om jou en je weerstand werkelijk daadwerkelijk te benoemen? Om open een tweerichtingsgesprek aan te gaan èn de consequenties aan te geven? “Ik hoor je bezwaar. Maar we doen het toch. Ik vraag je dus om mee te gaan. Ik zal je daarbij ondersteunen. Maar jij zult zelf in beweging moeten komen. Kleine stappen zijn genoeg. Zo niet, dan houdt het hier op voor jou.” Dat vraagt moed. Moed voor de leidinggevende. En moed voor de medewerker die stappen zet op zoek naar de meerwaarde.

Herinrichting van organisatieonderdelen is succesvol als er voldoende draagvlak is gedurende het traject. Als je een cultuuromslag beoogt, doe dat dan met elkaar en in overleg. En verwacht vooral niet dat het morgen anders is. Dit kost tijd. Veel tijd. En soms is draagvlak misschien wel een te hoge ambitie. Soms is het realistischer om al blij te zijn met acceptatie. Dat mensen het gaan doen. Ook, of misschien wel juist, in de snel veranderende wereld van de geo-informatie.

 

> Met dank aan: Jonge Bazen.nl